Jan Taminiau

Column van David : Jan Taminiau, een modeontwerper die dol is op borduren

Jan Taminiau

Jan Taminiau, een ontwerper die dol is op borduren

 

Sinds de inhuldiging van Willem Alexander in 2013 in de stralende aanwezigheid van Maxima kent iedereen de naam van Jan Taminiau, de ontwerper van haar magnifique blauwe outfit.

Al eerder droeg ze het spraakmakende jasje van Nederlandse postzakken van zijn hand. Daarmee heeft ze hem een grote dienst bewezen en ontstond een band die tot op de dag van vandaag voortduurt.

Toen hij in 2014 bovendien de Grand Seigneur ontving, een belangrijke Nederlandse modeprijs, was al duidelijk dat deze rijzende ster pas aan het begin van een imposante carrière stond.

De eerder genoemde Belgische ontwerper Olivier Theyskens en Jan Taminiau zijn ongeveer leeftijdgenoten (beiden ongeveer 40).

We gaan op de bonnefooi naar het Centraal Museum in Utrecht en krijgen een kaartje met een time-slot: we mogen van 15.00 tot 17.00 uur kijken. Modetentoonstellingen zijn hot en musea zien daar wel brood in (in de Kunsthal in Rotterdam start in mei de tentoonstelling van Viktor en Rolf).

Al bij binnenkomst word je bijna verblind door de schittering van al het borduurwerk. Het is best wel sprookjesachtig. Romantiek ligt op de loer.

Taminiau schildert met kralen, glas en andere versiersels. Diepte ontstaat door afwisseling met mattere materialen en door lagen. De ene creatie is nog kleurrijker dan de ander. Hier zien we niet zomaar jurken, dit zijn statements.

Hij laat hier in het Centraal Museum zijn laatste collectie zien, er is verder geen presentatie of show deze keer.

De maker zegt over zijn werk: ‘Couture gaat niet over de werkelijkheid of draagbaarheid, het gaat om de vrijheid van denken’. Meer een verklaring van van een kunstenaar dan van een modeontwerper.

In de eerste zaal, De Balzaal/The Ballroom zegt hij: ‘Het magische moment van schoonheid is als een jurk in beweging komt’. Door beweging, bijvoorbeeld bij dansen, ontstaat de magie van de schoonheid. Hij construeert ze zo  – bijvoorbeeld door de rok van boven zwaarder te maken dan vanonder – dat er bij de minste beweging een illusie ontstaat van een ‘vloeiend slow motion effect’.

De draagster moet daar wel wat voor over hebben, sommige jurken dragen zo’n zeven kilo borduurwerk met zich mee.  

De beweging in deze zaal wordt gedemonstreerd door een soort draaimolen die gestaag rond gaat met de kleding.

Met zijn borduurwerk, gebruik van diverse materialen en lagen toont hij grote ambachtelijkheid en fantasie. Hij tovert met kralen, gaat een trompe-l’oeil van een plooi niet uit de weg en jongleert met een diversiteit aan decoratieve toevoegingen. Een voorbeeld: hij maakt een witte zijden jurk met een kralenborduursel van vogeltjes, huisjes en poppetjes.
Bijna alles is druk bewerkt. Het is als het ware zijn handelsmerk geworden.

In dit eerste gedeelte van de expositie zijn de woorden eenvoud en ingetogenheid de laatste die bij je opkomen. This is fashion to impress, niet voor gewone mensen. ‘Taminiau is niet per se modieus, hij ontwerpt niet voor de massa maar ontwerpt exclusieve kleding voor vermogende dames’ las ik ergens.

Hij kleedt niet alleen Koningin Maxima maar ook popsterren, bijvoorbeeld Lady Gaga.

Het is een verhaal van alle tijden, een bovenlaag kan zich excessief en duur kleden, de doorsnee burger kijkt er met nieuwsgierigheid en bewondering naar.

Als ik een idee wil hebben van een gerecht, begin ik met het lezen van de ingrediënten van het recept. Daarna de benodigdheden. Dat is meestal al veelzeggend.

Om een idee te krijgen van dit modespektakel noem ik enkele van de veel voorkomende ingrediënten: zijde, organza, satijn, tule, borduursel, kralen, pailletten. Swarovski kristallen en glaskralen

Benodigdheden: creativiteit, ambachtelijkheid, geduld en liefde voor de vrouw als draagster. Zelf zegt hij: ‘Ik ben geen overdreven conceptueel ontwerper. Ik wil vrouwen mooier maken. Mijn werk staat in dienst van de vrouw en haar figuur’.

We verlaten de zaal door het hoofd van de ontwerper dwz het uitgezaagde profiel van zijn hoofd dient als toegangsopening naar de volgende afdelingen die – het laat zich raden – de achtergrond/geschiedenis en de inspiratie van de kunstenaar moeten prijsgeven. Herinneringen, locaties (bijv. de Japanse kamer van Huis ten Bosch maar ook een ruitjesschrift) en sfeerbeelden passeren de revue.

Er wordt als het ware getracht een reconstructie te maken van het denkproces dat tot een creatie leidt.

We passeren levensgrote houten kisten waar je in kan kijken, eerder werk en trouwjaponnen en belanden voor de vitrine met de jurken van Maxima, waaronder de blauwe creatie van de inhuldiging. Hij staat op menig netvlies, de sierlijke, koningsblauwe jurk met de slanke jas achtige bovenkant met stevige, rechte schouders, een mooi contrast met de soepele stof van de basis eronder, die weer opgesierd is met kant en borduurwerk.

Frappant, het is eigenlijk best wel sober en bijna atypisch voor Jan Taminiau, maar misschien toch wel het hoogtepunt van de expositie.

 

Richting uitgang zien we een grote hoeveelheid stalen van kant en borduurwerk. Veel bezoeksters staan hier verlekkerd te kijken, het is als een snoepwinkel.

Hij is zelf overduidelijk in: ‘Mijn borduursels zijn voor mij nog belangrijker dan de jurken an sich. Ik heb een heel archief met borduur proeven, dat zijn mijn schatten en de basis van al mijn onderzoek en kennis. Borduurproeven zijn mijn landkaarten waarop ik zie welke keuzes er zijn gemaakt’.

Geïmponeerd en vol indrukken verlaten we de tentoonstelling.
Het is vreemd en bijzonder verrassend, als Taminiau iets maakt waar niet de versierselen het ontwerp bepalen maar de contouren, de lijnen en de valling van de stof, dan ontstaan er – in onze ogen – fantastische creaties. De blauwe’ jasjurk’ van Maxima bijvoorbeeld maar ook onderstaande bovenkant/top van een jurk (nog in de maak?) die we ergens tegenkwamen. 

Hoewel we niet zo veel affiniteit hebben met al dat borduur- en versierwerk, zijn we wel onder de indruk van zijn kleurgebruik en ambachtelijkheid. Maar ons eigen credo, zoek de schoonheid in de eenvoud hoort thuis in een andere wereld.

Binnenkort staat de expositie van Viktor en Rolf in de Rotterdamse Kunsthal op het programma, onze beroemdste ontwerpers die o.a. opvallen omdat ze vrijwel altijd een boodschap willen uitdragen met hun collecties.