Back to Blog
Column over expositie in MOMU (Antwerpen), Happy birthday dear

Column: Van Mao naar Chanel en door naar Antwerpen (febr. 2014, Nieuwsbrief 02)

We togen op een zondag naar het inmiddels vertrouwde Momu (modemuseum) in Antwerpen waar een expositie was ingericht over 50 jaar Antwerpse modeacademie ‘Happy Birthday Dear Academie’ met een hoofdrol voor de Zes van Antwerpen.
Als ik dat zie staan, krijg ik onwillekeurig associaties met de Drie van Breda of de Bende van Vier in het na-Maoïstische China. In tegenstelling tot Zes van Antwerpsen, betreft het hier echter aan geweld of aan oorlog gerelateerde duidingen van groepen of samengevoegde personen. Of andere narigheid.

Maar van het Antwerpse groepje word je blij. Ze lieten als collectief in 1987 hun collectie zien in Londen tijdens de British Designer Show, maakten grote indruk en werden door de Britten the Six of Antwerp genoemd, hoogstwaarschijnlijk om die moeilijke Vlaamse namen te vermijden. Het betreft de inmiddels internationaal bekende ontwerpers Ann Demeulemeester, Dirk Bikkembergs, Dries Van Noten, Walter Van Beirendonck, Dirk van Saene en Marina Yee (succes kent vele vaders dus de naam van onafhankelijk modeontwerper Martin Margiela wordt er met een +je bijgezet). Het begrip de Zes van Antwerpen werd een geuzennaam en the rest is history.

Opvallend is nog wel dat het (zeker achteraf) geen homogene groep ontwerpers opleverde. Collectieve kenmerken zijn niet makkelijk te duiden. Het spectrum loopt van degelijk, vaak gelaagd, fantasievol, betrekkelijk spaarzaam met kleur maar altijd raak (Ann De Meulemeester) tot uitbundig, speels, streetwise, soms absurdistisch, bijna plat (Walter Van Beirendonck) naar subtiel, smaakvol, rijk gedessigneerd, heel draagbaar (Dries Van Noten) tot manlijk sportief (Dirk Bikkembergs).

Happy Birthday Dear Academie is een expositie met veel afstudeerwerk van verschillende jaren en het leuke is de overdaad aan creativiteit en het overduidelijke streven helemaal nieuw, anders te willen zijn. Dat levert per definitie onverwachte verrassingen (o.a. een prachtig, scherp gesneden creatie van Haider Ackermann, die parttime op de academie gezeten heeft) en verbazing op. Lang niet alles is mooi of draagbaar of zelfs functioneel maar dat maakt het juist spannend. Dit wordt ook veroorzaakt door het begeleidend grafisch materiaal (of zoals zij zeggen ‘modegrafiek’), dat behalve vakmanschap creativiteit en plezier uitstraalt (www.momu.be/tentoonstellingen).
Heel inspirerend, als ontwerper kan je weer even vooruit.

Little black dress foto bij blog over expositie Coco Chanel Den Haag

Het niet (meer) spannend zijn van ontwerpen voelden we heel erg bij een bezoek in dezelfde periode aan de Chanel tentoonstelling in het Gemeentemuseum Den Haag. De aankondiging was ronkend:

Chanel: de legende neemt de bezoeker mee op een adembenemende reis door het leven en werk van Gabrielle ‘Coco’ Chanel (1883-1971). Met haar revolutionaire ontwerpen veranderde zij de vrouwelijke garderobe in de 20e eeuw.

Hoewel we ons als Rotterdammers bewust waren van het ‘Lijnbaaneffect’, iets is revolutionair in zijn tijd maar inmiddels links en rechts ingehaald door volgroeide klonen (tegenwoordig heeft toch iedere provinciestad een gelijkvloerse winkelpromenade uitsluitend bestemd voor voetgangers), was het bij Chanel zoeken naar design delight.
De museum tekst zei: De ‘Little Black Dress’, het Chanel-mantelpakje en Chanel No. 5, wie kent ze niet? Chanel stond voor elegantie, stijl en bewegingsvrijheid. Haar ontwerpen werden klassiekers en zijn nog altijd actueel. Zoals Coco Chanel al zei: ‘fashion fades, only style remains the same’.

Kan best zijn maar het kwam zo nuffig over. Of misschien waren het niet haar topstukken die hier getoond werden. Het frappante is dat je aan de ene kant na het zoveelste mantelpakje denkt wie draagt dat nog en aan de andere kant ‘welke winkel heeft niet het een of ander little black dress in de rekken hangen. Pas bij de creaties van Karl Lagerfeld (vanaf 1983 bij Chanel) kwam er weer wat leven in de brouwerij. Hij lijkt vergroeid met mode en speelt vakkundig met Chanel’s parafernalia, mixt het met z’n eigen mode instinct en is minstens zo commercieel ingesteld als Chanel was (www.gemeentemuseum.nl/tentoonstellingen/chanel-de-legende).

De onvermijdelijke vraag rijst waar sta jezelf als ontwerper. Dat is de plezierige bijvangst van het bezoek aan exposities op je vakgebied. Welke koers vaar je op die enorme oceaan die mode heet. Moet het dan toch massaal, makkelijk en commercieel zijn of blijft het voortgaan op de ingeslagen eigenzinnige weg.

DORIENDAVID bedrijft bijna letterlijk ‘slow fashion’ (vergelijk ‘slow food’) , en put hoop uit datzelfde België. Bruno Pieters, een jonge Belgische ontwerper met het label ‘Honest by’ is op een interessante manier bezig. Hij wil op een eerlijke basis kleding maken en verkopen. De collectie volgt niet hijgerig de modeseizoenen maar evolueert. Het is de bedoeling dat het productieproces, de herkomst van de grondstoffen maar ook de prijsopbouw, volledig transparant zijn (http://www.honestby.com).

Het spreekt ons aan dit is niet Het verdriet van België, dit is de toekomst!

David
DORIENDAVID

Back to Blog